Emigratieboek.nl         Boekhandel voor landverhuizers
Home | Algemeen | Landen | Taalcursussen    
 
 
Margareth Hol columns



Week 51 - Komt een vrouw bij de dokter

Het boek en de verfilming van Kluun zijn de laatste tijd veelvuldig in het nieuws. Wij volgen dat op onze Nederlandse zenders. Heftig verhaal, want het gaat over borstkanker. En de manier waarop de partner daar mee omgaat maakt het tot een nog heftiger verhaal.
Het maakt veel emoties los. Bij mij ook. Al was het maar omdat mijn zus sinds kort ook tot de schrikbarend grote groep vrouwen behoort die aan borstkanker lijdt.

Wat heeft dit met emigratie te maken? Alles! Het is een van de meest ingrijpende consequenties van emigreren......het niet in de buurt zijn als de behoefte daaraan groot is! Dat kan, behalve niet praktisch, heel frustrerend en emotioneel zijn.
Toen ik het onheilsbericht van mijn zus hoorde schoot ik dus dubbel in de stress. Help! mijn zus heeft kanker en Help! Hoe kan ik er vanuit Ierland toch voor haar zijn?
Het was een wijze raad van dezelfde zus die, niet voor de eerste keer, uitkomst bracht. ‘Je moet niet denken in beperkingen, maar in mogelijkheden’, raadde zij mij ooit aan. En dat advies heb ik ter harte genomen. Ook nu werkt dat om mijn ontreddering enigszins te transformeren.
Want ontreddert ben je als een dierbare opeens belandt in die emotionele rollercoaster van diagnose, uitslagen, operaties en behandelingen die bij kanker horen. Ik boek een vlucht! Na de borstamputatie. Mijn andere zus komt ook over uit Zeeuws–Vlaanderen.

En het helpt inderdaad om mijn zus te ZIEN! Ze ziet er heel goed uit en blijkt haar eigen onnavolgbare zelf te zijn. Een week na de operatie staat ze al weer in een pashokje. Na slechts een kleine aarzeling stapt ze daaruit om in de spiegel te kijken. ‘Kan dit?’ vraagt ze. Ik kijk naar het topje, dat aan één kant invalt. ‘Helemaal toppie’, zeg ik. Want daar staat gewoon mijn gave zus. Toch duik ik even in een kledingrek vol maatjes waar ik al jaren niet meer in pas. Het raakt me om te zien dat zij zo ongelofelijk haar eigen sterke zelf is. ‘Je moet het leven vieren’ is haar levensmotto. En dat maakt ze waar!

Als we een dag later horen dat er uitzaaiingen zitten in de schildwachtklier, wil ze vooral iets leuks doen met ons. ‘Want jullie zijn er nu en patient kan ik nog lang genoeg zijn!’
Aan het eind van de middag staan we arm in arm op een winderig perron om mijn andere zus uit te zwaaien die de trein terug neemt. We trekken gekke bekken naar haar terwijl zij twintig minuten in de trein zit te wachten tot ‘ie vertrekt.

De volgende ochtend neem ik het vlliegtuig terug. Met gemengde gevoelens. Neem me voor om tijdens de chemo ook te gaan.
Ben blij om weer thuis te zijn in het groene Ierland. Het lot van elke emigrant. Je wilt in Nederland zijn omdat......., je wilt in je land naar keuze zijn omdat..... Het antwoord op deze spagaat is niet te geven. Het enige dat ik erop kan verzinnen is dat van mijn zus: ‘Denk in mogelijkheden.’ En nog belangrijker accepteer dat het is, zoals het is. Verspil geen zinloze gedachten aan: ‘Als ik nu in Nederland zou wonen, dan.....’ Zou het in essentie uitmaken? Kijk maar naar Kluun. Die was dichtbij.

De rollercoaster blijft zijn loopings maken. Het verwijderen van alle klieren blijkt een venijnige ingreep. Dan het nieuws dat die klieren schoon zijn. We vieren dit nieuws in Ierland mee! Te vroeg gejuicht, want het type kanker blijkt een aggresieve en zowel een zware, als langdurige chemo blijkt noodzakelijk. Met bestraling wellicht.

Ik schrijf een brief aan mijn zus. Een mogelijkheid die ik met beide handen aangrijp. We vormen een bel driehoek met elkaar. Ook dat behoort gelukkig tot de mogelijkheden!
‘En dan wonen we ook nog eens zover uit elkaar’, verzucht mijn oudste zus in een gesprek. ‘Is dat zo erg?’ vraag ik. ‘Ik moet er niet aan denken dat we bij elkaar om te hoek zouden wonen!’
Het is even stil aan de andere kant, dan: ‘Nee, GETVER, en dan constant bij elkaar op de koffie moeten, VRESELIJK!’ We lachen.
Onze (bloed) band is een feit waar we alle drie heel erg blij mee zijn. Maar dat banden kunnen knellen weten we ook. En daar hoef je met zo’n afstand ertussen in ieder geval niet bang voor te zijn.....

Fijne feestdagen en een GEZOND 2010 gewenst!!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.




Week 47 - BN-ers en de gossips

Wellicht zijn er landen waar al zoveel Nederlanders wonen dat het niet meer opvalt, maar zo niet dan wordt je er één. Een Bekende Nedelander. Hebben de echte bekende Nederlanders erom gevraagd, als emigrant is het een vreemde gewaarwording! Want opeens kennen mensen je naam, weten ze waar je woont en ben je onderwerp van gesprek. Dat ze je kennen ondervindt je regelmatig als je met mensen in gesprek raakt en dat je onderwerp van gesprek bent daar kun je vanuit gaan als je op het platteland woont. Want DAAR wordt wat af gekletst!

De meest sappige roddels zijn natuurlijk die over een buitenechtelijke verhouding. ‘Barbie’ is een opvallende verschijning in ons dorp, want ze is heel dun. Anorexia, zo wordt gefluisterd. Zo’n dennetje is opvallend hier, want de meeste mensen lijden aan het tegenovergestelde. Barbie is getrouwd met een aardige, doch niet al te knappe boer. Het is daardoor een intrigerend stel. The Beatuty & the Beast. Samen hebben zij vier roodharige dochtertjes. Even fréle als hun moeder, dus het is nog maar de vraag of Barbie aan anorexia lijdt. Barbie houdt er volgens de dorpsroddels minnaars op na. Op een zaterdagavond werd zij gespot in een stad zo’n anderhalf uur rijden hier vandaan. Ze zat in een pub met een andere man. Het toeval wilde dat dorpsgenote Anna zich in dezelfde stad bevond. Barbie schrok zich wild toen zij Anna de pub binnen zag komen. “Het is niets, zomaar een vriend,” haastte zij zich te zeggen. Maar het kwaad was al geschied. Nog diezelfde avond wist ons halve dorp van haar vermeende affaire. De rest, waartoe ik behoorde, hoorde het in de loop van de week. Ik vind het een minder verheffende kant van het leven in de country. En je moet nog op je tellen passen ook, want voordat je het weet vertel je zelf iets door wat je hebt gehoord en maken mensen daar hun eigen opgehypte versie van.

De allerergste roddeltante heeft een kapperszaakje in het dorp. Ik zat altijd heel ongemakkelijk bij haar in de stoel, want zij probeerde me continue uit te horen. Wilde bv van alles weten over onze buren en dat stuitte me echt tegen de borst. Ik raadde mijn man ten zeerste af nog naar haar toe te gaan, want ik wist zeker dat hij niet opgewassen zou zijn tegen haar verhoortechnieken. Zij heeft met haar geroddel al heel wat vijanden gemaakt.Toen zij mijn haar een keer vaalgroen verfde in plaats van zonnig blond was ik bijna opgelucht. Nooit zet ik daar nog een stap over de vloer! Dezelfde opluchting voelde ik nadat ik gestopt was met de wandelclub. Het geklets begon al in de auto. Als de huwelijken, geboortes en begrafenissen de revue waren gepasseerd waren we zo’n beetje op de wandelplek aangekomen en kon tijdens het lopen het echte werk beginnen. Nou ben ik zelf ook niet vies van een roddel op z’n tijd, maar als je het onderwerp van gesprek niet kent is de ‘lol’ er snel af. Verder ervaar je ook in het soort geroddel het cultuurverschil.

Voor het eerst voel ik aan den lijve wat de Nederlandse tolerantie inhoudt. Mensen kunnen over het algemeen toch zijn wie ze zijn in ons land. Die vrijheid is in Ierland nog ver te zoeken! Ik ken bv geen enkele homo hier. Geen mens die daarvoor openlijk durft uit te komen. Alleen daarom al vind ik het heerlijk om af en toe in Amsterdam te zijn. Die veelzijdigheid aan mensen. Die vrijheid in kledingkeuze, leefwijze en autonomie zorgt voor een positieve vibe. Die free spirit VOEL je in Amsterdam. Saillant is dat de Ieren zelf ook dol zijn op Amsterdam! Heel veel Ieren gaan er regelmatig een weekendje naartoe. “Niet alleen naar het red light ditrict gaan hoor!” adviseer k dan met klem. Amsterdam heeft veel meer te bieden! Nederlanders! In alle kleuren en geuren. Ook niet BN-ers durven zich te etaleren naar eigen stijl en smaak. En durven het leven te leiden naar eigen ionzicht. Dan wordt de neiging tot roddelen al snel minder.

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.




Week 44 - Nederland, oh Nederland

Net terug van een week Nederland. Ik moest er vaak aan een Postbus 51 spotje denken. Over iemand die aan het bellen is en ondertussen zijn bestelling aan een verkoper duidelijk probeert te maken. Onbewust a-sociaal is de bijbehorende slogan.

Op Schiphol passeren we een aantal beveiligers die aan een tafel pauzeren. Een ligt met z’n benen op de tafel. Iemand laat een harde boer. Luid gelach.
De A2 wordt breder gemaakt, dus nog meer asfalt en nog meer geluidswallen die steeds hoger lijken te worden. Voordeel is wel dat iedereen gedwongen wordt 90 km te rijden en dat je daardoor nu eens niet bang hoeft te zijn dat een vrachtwagen onverwachts naar links uitwijkt. Toch worden we twee keer door dezelfde wagen gesneden. Het waarom ontgaat ons. Rijden we te zacht, verkeerde baan?
In Utrecht zetten we mijn zus af in het centrum. Ik stop in de smalle straat en stap uit om mijn zus eruit te laten. Haar deur zit op het kinderslot. Woedend wringt een automobiliste zich langs de auto. Over de stoep. Haar voorbeeld wordt door de volgende auto’s gevolgd. Er is geen ruimte de deur te openen en het duurt een tijdje voordat er iemand even stopt. Dan is het in een tel gepiept.
Een auto in het centrum is een last dus nemen we meestal de bus. Op het busstation staat de bus een tijd stil. De chauffeur is bezig met een puzzel uit de krant en kijkt verstoord op als iemand hem aanspreekt. Een diepe zucht, wat gemompel, zonder de mensen aan te kijken. Dit herhaalt zich continue want de ov chip scanner doet het niet.

Achter een gebouwtje staat een man in oranje werkjas een joint te roken. Hij steekt voor een bus over en loopt naar een takelwagen van het busbedrijf. Stapt in en rijdt weg. Relaxed!?
In de bus zit/staat een schoolklas. De kinderen gedragen zich voorbeeldig. Er stapt een hele oude man in, die onzeker een lege zitplaats zoekt. Ik kijk naar de leerkracht in de verwachting dat zij haar leerling op de invalide zitplaats vraagt om op te staan. Maar nee. Als IK het vervolgens vraag krijg ik een misprijzende blik. Het jongetje staat overigens zonder morren op.
Geen winkel zo Nederlands als de Hema, dus die is vaste prik als wij er zijn. Ik zoek een magneetbord en wil een verkoopster vragen waar ik dat kan vinden. Vervelend dat ik haar moet storen want ze is juist in gesprek met een collega. ‘Mag ik iets vragen?’ hoor ik mezelf onderdanig vragen. Liever niet, dat is duidelijk!
Een vriendin vertelt dat ze in Amsterdam door groen fietst en desondanks boven op de rem moet staan om een voetganger te ontwijken. ‘Kutwijf’, sist hij haar toe. ‘Je bent lelijk!’ De vriendin is al ontdaan, maar hij is nog niet klaar. ‘En dat weet je zelf ook!’ roept hij haar na.
We staan op het perron te wachten op de trein naar Schiphol. Er botst iemand keihard tegen me aan. Geen ‘sorry’. De jongeman beent 'stief' door. Ik voel een enorme drift opkomen. Wil hem achterna en hem......ja wat? Een even harde duw geven? Mijn man spreekt me vermanend toe, tewijl ik luid mijn ongenoegen uit. Zo werkt het dus blijkbaar........

Bewust of onbewust a-sociaal gedrag. Het hoe en waarom is eigenlijk niet van belang. Pijnlijk om te ervaren dat wellevend gedrag in de Randstad vaak ver te zoeken is. DAAR zul je als emigrant niet snel naar terug verlangen!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.




Week 42 - Farting Frodo

Hond nummer drie begint zich te settelen. Hij komt uit een asiel, er is niets bekend over zijn achtergrond. Hij heeft littekens op zijn kop en is bang voor onverwachte bewegingen en geluiden. Panisch voor alles wat op een stok lijkt.
Frodo is onze eerste asielhond. Hij gedraagt zich zo onderdanig en aangepast dat het ons een doorn in het oog is.
Nee, dan ‘Jessie-pain in the assie-‘, die is ten alle tijde haar eigen, ongeremde zelf. Toen we haar met 6 weken uit het nest haalde, stond ze al piepklein, hondsbrutaal in de opening van het hok. We namen haar als opvolger van teckel Dirk, die een week daarvoor dood gegaan was.
Een groter contrast was niet denkbaar. Die waardige,teckel op leeftijd, waar je opmerkelijk vergaand mee kon communiceren, tegen het ADHD-je dat Jessie was. Non stop! Ze beweegt zich ze als een elastiek door het leven. Sprint en springt en wil maar één ding: spelen.
We namen haar vooral voor Josie, die na de dood van Dirk stilletjes in haar mand lag.
Ook Josie was als pup een ongeleid projectiel. Het stadspark waar zij in Nederland op aangewezen was, bleek te klein om haar terrier energie kwijt te raken. Toen zij als 1 jarige mee naar Ierland kwam, heeft ze dat ruimschoots in weten te halen. We namen Jessie dus vooral voor haar, maar dat bleek geen succes. Ze velen elkaar, daar houdt het mee op.
Frodo weet haar evenmin te bekoren. Een grauw als hij te dichtbij komt, daar moet hij het mee doen. Gelukkig heft Jessie dit tekort op door eindeloos met hem te stoeien en samen met hem achter een bal aan te rennen.
Zo hebben ze alle drie hun eigenaardigheden. Josie heeft haar looks mee en haar coole karakter. Geen hondse onderdanigheid voor Josie!
Jessie is leuk door haar onuitputtelijke energie en perfecte balbeheersing. Haar liefde voor de bal gaat ver, want als Wimbledon op tv is vleit ze zich tegen de baas en legt ze haar poot vertrouwelijk op zijn knie. Ze volgt net als hij de bal op het scherm en springt op als er geserveerd moet worden. Verwilderd kijkt ze daarna om zich heen om te kijken waar de bal gebleven is.

Frodo is een scheet! Hij hult ons regelmatig in zijn naar rotte eieren stinkende winden. In het begin liet hij de loslopende haan met rust, maar opeens begon hij ‘m op te jagen. Met een harde brul leerde mijn man hem dat direct af.
Die haan kwam een jaar geleden aanlopen, samen met een ander, bruin, exemplaar. Jut en Jul noemden we ze.
Het kostte heel wat moeite om Jessie en Josie af te leren achter ze aan te jagen. De hanen groeiden groter, liepen de hele dag rondpikkend door de tuin en gingen elke avond vroeg op stok in een hoge tak van een boom. Een opluchting, want het stikt van de vossen in de omgeving. Daarom willen we er geen kippen bij nemen.
Toen er op een dag een paar honden van de buren de tuin in kwamen, betekende dat het einde van Jut (of Jul). De witte haan bleef alleen achter en compenseerde het gemis door contact te zoeken met ons en de honden.
Als de deur openstaat loopt hij al klokkend naar binnen en doet zich daar tegoed aan het voer uit de hondenbak. Als de deur dicht is gaat hij voor het raam zitten en loert hij naar binnen. Als we buiten lopen, volgt hij ons op de voet. Of ligt hij vreedzaam naast de honden in het gras en laat zich door hen besnuffelen.
Ezeltje Peggy is minder gecharmeerd van andere dieren. Ze staat bij ons omdat ze bij de buren niet te handhaven was. Paarden, koeien en kalfjes, alles joeg ze achterna. Hetzelde doet ze bij de haan en de honden als die zich binnen haar gezichtsveld begeven.
Vorige week brak ze voor de zoveelste keer uit het veldje. Als we haar nu willen aaien, moeten we zelf ook uitkijken geen elektrische schok te krijgen.
Al heel wat avonturen meegemaakt met loslopend vee. Soms lopen er ontsnapte koeien op de weg of langs ons hek. Vorig jaar waren er maar liefst 6 paarden van de buren uitgebroken. We zochten mee. Ze bleken bij ons boven op de berg rond te lopen. In het bos! We zetten de weg beneden af met wit tape en lokten ze met emmers voer naar beneden.
Boven op de berg trof ik ook eens een enorme stier. Klagend loeiend liep íe op me af en passeerde me rakelings. Ik had met hem te doen.
’s Middag liep hij er nog steeds en mijn buurvrouw schrok zich wild. ‘Margaret, he stills has his balls!’ riep ze geschrokken, terwijl ze snel op een hek klom. Countryliving? Never a dull moment!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.




Week 40 - Toys for the boys

Een klap, een vlam, ik kijk beduusd naar de elektrische zaag die opeens over een doorgesneden snoer beschikt. Mijn man komt naar buiten rennen, want binnen zijn de stoppen gesprongen.
‘Blond!” roep ik in een poging het leuk te houden. Maar nee, hij kan er de humor niet van inzien. Begint direct een verhaal dat dit geen klussen voor vrouwen zijn en dat mannen hiermee van jongsaf aan vertrouwd zijn.,br> Dat klopt inderdaad. Sinds we in Ierland wonen ervaar ik continue dat ik met allerlei machines en gereedschappen NIET vertrouwd ben. Wat dat betreft is de stap van Nederland naar Ierland voor mij kleiner dan die van stad naar platteland. Maar dat heeft weinig te maken met vrouw zijn. Ik zag die dingen nooit in Utrecht!
We zijn hier in een nieuwe wereld terecht gekomen! Een wereld vol machines, gereedschappen en stoffen om het land te bewerken of in toom te houden.
Vooral die machines boezemen ontzag in. Zeker als je daardoor in de berm wordt gedrukt en aankijkt tegen de enorme banden die je auto rakelings passeren.
We hebben al heel wat van die machines op ons landje gehad. Je ontkomt er niet aan. De septic tank die om de 2 jaar leeg gezogen moet worden, bevindt zich precies op de scheidslijn van tuin en land. De enorme tractor waar de giertank aan hangt, trekt diepe sporen in het veld. Bij het wegrijden neemt íe bijna de daklijst van de uitbouw mee.



De Ierse kleigrond is zwaar en zit vol stenen, dus graafmachines zijn hier een bekend fenomeen. Voor het bouwen van onze aanbouw hebben we heel wat af moeten graven. Behalve voor het fundament een diep gat voor de afwatering. Dat moet dan weer vol stenen worden gestort zodat het water daartussen weg kan vloeien.
Eigenlijk kun je niet zonder tractor als je land hebt. We konden er een overnemen van de vorige eigenaar. Voor 1500 euro. Alleen deden de remmen het niet goed en dat leek ons niet handig omdat we op een heuvel wonen.
Achteraf begrepen we dat het een koopje was voor een tractor, zelfs met kapotte remmen! Mijn man heeft nog steeds diepe spijt dat we ‘m niet gekocht hebben.
Stiekem ben ik opgelucht. Want een beetje bang, voor al die enorme, diesel rokende apparaten. Mannen betrap ik op het tegenovergestelde.
Je ziet het jongetje in hen als ze achter het stuur kruipen. John Deers, Fergussons; it is a man’s world.
Dat ik de zaag ter hand heb genomen komt vooral voort uit het feit dat de heg niet NOG meer uit mag dijen! Immens is ie nu al, met 80 m. lang en 4 m. breed. Ondanks twee keer flink terugsnoeien de afgelopen jaren. Gelukkig met hulp van een leuke neef. Het uitdijen gaat zo gestaag dat we ‘m nu echt een koppie kleiner willen maken. We laten de buitenkant doen door een boer die een snijblad aan zijn tractor bevestigt.
We blijven ons verbazen dat er zoveel komt kijken bij het onderhouden van ons relatief kleine stukje land. Voordat je het weet neemt de natuur de overhand.
Voor het veld hebben we op dit moment een ezeltje, daarvoor hadden we schapen en een paard. ‘Geleend’ van verschillende buren. Het onkruid deden we tot nu toe handmatig maar daar blijkt godenzijdank ook een onschadelijke oplossing voor.‘Round up’. Je vemengt de vloeistof met water in een plastic tankje en met dat tankje op je rug bespuit je het ongewenste groen. En dat is veel. Heel veel!
Om het gras van het tuingedeelte te maaien zou een exemplaar waar je op kunt zitten geen overbodige luxe zijn. Maar de aanschafsprijs weerhoudt ons daarvan. Dus zijn we nu aan onze derde duwgrasmaaier toe. Het kost 3 uur per keer om het tuingras te maaien. We hebben ‘maar’ een acre (5000 vierkante meter)land.
Een lachertje voor de boeren hier uit de omgeving. Land is voor hen MEER dan belangrijk. Ook mijn man wilde in eerste instantie minstens 2 acres. Volgens mij ook een mannending.
Verder met de heg. Het snoer is weer aan elkaar geplakt. De eerste 15 meters zitten erop.
Mijn man is klaar met zijn klus binnenshuis en wil de heg graag zelf afmaken. Daar zeg ik geen nee op. Dat gaat meestal zo bij ons. Ik begin een klus en voer daar pakweg 10% van uit. De rest neemt hij dan voor zijn rekening.
Des vrouws of verwerpelijk gedrag van mij? Ik vrees het laatste!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.




Week 38 - De meisjes van de leesclub

Vanaf het moment dat je geëmigreerd bent krijg je ermee te maken: logé’s!
Opeens gaan mensen niet meer weg na de koffie of de borrel. Ze blijven!
Logé’s en vis blijven drie dagen fris, blijkt niet zomaar een gezegde. Er zit wat in!
Het hebben van logé’s vraagt om een flexibele instelling. Want iedereen neemt zijn eigen IK mee en die verschilt nogal van mens tot mens.
De een verwacht 100% entertainment en alle maaltijden keurig op tijd aan tafel, de ander maakt z’n eigen hapje en drankje en trekt er zelf op uit. En daar zitten nog vele variaties tussen, dat spreekt. Natuurlijk ben je zeer gemotiveerd om het je gasten naar de zin te maken en dat kost je geen enkele moeite. Want je bent dankbaar en blij dat zij de moeite nemen om zo’n afstand af te leggen. Voor jullie! Jullie, die er bewust voor hebben gekozen om hen achter te laten. Daar, in het door de waan van de dag gedicteerde Nederland.
Dat besef maakt nederig en dienstbaar. Zo’n dag of drie!

Daarna begint het te wringen dat je ‘s ochtends de badkamerdeur op slot vindt, terwijl je HEEL nodig moet. Of krijg je de kriebels van WEER die ontbijttafel te moeten dekken, terwijl je normaal aan het aanrecht een boterham naar binnen werkt.
Je begint te verlangen naar de vrijheid van je eigen rituelen.
En ook je bezigheden moeten op een laag pitje, om voor de zoveelste keer de hightlights uit de omgeving langs te gaan. Na 'tig' keer de tuinen van Lismore Castle steek je minder spontaan je neus in de welriekende Engelse rozen.
Dolblij waren we dus toen we onverhoopt een nieuwe bezienswaardigheid ontdekten. We vonden een prachtige riviertuin in een kloof bij een landgoed. Kijk, dat is dan weer het leuke van gasten, je komt nog eens ergens!
Daarnaast brengen ze een stukje Holland met zich mee. En kun je weer eens onbeperkt Nederlands praten. De gasten vertrekken niet voordat alle bekenden de revue gepasseerd zijn en wij op de hoogte zijn gebracht van de laatste nieuwtjes.
En, ook dat zul je ervaren; er zijn gasten die de ‘houdbaarheidsdatum’ met gemak overschrijden. Zoals daar zijn: ‘de meisjes van de leesclub’.
Die komen ieder jaar het tweede weekend van september. Die brengen altijd mooi weer. Zelfs dit jaar, na een dramatisch slechte zomer! Die brengen boeken, tijdschriften en verhalen.
Die voegen zich naadloos in ons leven en zelfs de badkamer weten zij op cruciale momenten vrij te houden. Die klikken met onze nieuwe vrienden en lachen even hard om onze favoriete BBC serie 'The Vicar of Dibley'. Die zetten zelf koffie of thee en doen na het eten direct de vaat. En die zijn even enthousiast over de riviertuin als wij.
Dat soort gasten zie je node vertrekken, zelfs na vier dagen!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.




Week 36 - WWOOF-ers over de hele wereld

We hadden een onverwacht logeetje. Man Ting, een 24 jarig meisje uit Hong Kong. Man Ting is een WWOOF-er.
Wwoof is een organisatie die vrijwilligers en gastgezinnen bij elkaar brengt. De vrijwilliger verleent hand-en spandiensten in ruil voor onderdak en eten.
Vriendin Sylvia heeft vrijwel continue WWOOF-ers over de vloer. Haar eigen gezondheid neemt af en die van haar man is ronduit slecht.
Na een ziekenhuisopname kwam Sylvia toevallig in aanraking met Wwoof en het is voor hen DE manier om te kunnen blijven wonen in hun cottage vol dieren.
Wwoof staat voor World Wide Opportunities on Organic Farming. Toch hoef je geen biologische boerderij te hebben om van Wwoof gebruik te maken. De organisatie is er ook voor kleine zelfstandigen en voor mensen met een lap(je) grond.
Er staan hosts op de Wwoof site die een B&B hebben en daar hulp voor vragen! Een Wwoof-er is breed inzetbaar. Hij/zij heeft belangstelling voor het leven op het platteland of voor biologische landbouw. Ze kunnen helpen bij het ontginnen van land, het opzetten / onderhouden van een moestuin, het snoeien van bomen, het maken van omheiningen, het verzorgen van dieren, het bereiden van natuurlijke producten enz. enz..
De vrijwilligers zijn jonge, gemotiveerde mensen die hun handen graag uit de mouwen steken. Als gastgezin kun je zelf de termijn bepalen waarvoor je een Wwoofer nodig hebt. Behalve 20,- euro inschrijvingsgeld zijn er geen kosten aan verbonden.
Man Ting woont samen met haar vier zusjes en ouders in een appartementje op 38 hoog. Het contrast tussen het wonen in Hong Kong en het leven op het Ierse platteland kan bijna niet groter.

Man Ting deed eerst aan Wwoofing in Australie. Australie en Nieuw Zeeland zijn favoriet bij Wwoofers, maar vrijwel alle Europese landen zitten in het aanbod.
Sylvia heeft alleen maar positieve ervaringen tot nu toe. Van Samuel, de Franse jongen waar al haar vriendinnen verliefd op werden, tot Man Ting die zich geruisloos door hun huis verplaatste.
Sylvia kwam een bed te kort toen haar kleinkinderen overkwamen en daarom kwam Man Ting een paar nachtjes bij ons. Dat bleek heel inspirerend! We realiseerden ons dat we voor het eerst in gesprek waren met een Chinese.
Man Ting bleef liever thuis toen wij een echte Woef op gingen halen uit een asiel. Dat bleek te worden gerund door een stel dat voor een back to basic leven gekozen heeft. Ze kochten een huis met 7 hectare goedkope grond en begonnen met het opvangen van honden. Helaas geen overbodige luxe in Ierland.
De Australische vrouw werkt drie dagen als accountant en de rest van hun tijd besteden ze aan de honden. Ze zijn kritisch als het om het plaatsen van de honden gaat. De man kwam over uit West Cork voor een zgn. homecheck. Hij bleef drie uur om zich een beeld van ons te vormen.
Wij zijn echte hondenliefhebbers dus het verbaasde ons niet echt dat we een dag later een telefoontje kregen dat we door waren.
Een week later konden we Frodo ophalen. Een overweldigende ervaring om door 25 honden begroet te worden! Want ze lopen daar los. Gelukkig hadden we de raad van de man opgevolgd en oude kleren aangetrokken!
Het was een opsteker om te zien hoe goed zij voor de honden zorgen! Ze hebben schuren verbouwd waar de honden hun eigen mand hebben. Overdag kunnen ze met elkaar over het terrein ravotten. We hadden vooraf vanaf een website voor Frodo gekozen. Een vrolijke hond met een oud koppie vol littekens.
Op de terugreis laat hij de hele tijd winden van de zenuwen. We moeten het raam open houden, zo erg. Farting Frodo!
De eerste dagen durft hij het huis niet in. We moeten hem naar binnen dragen. Geen idee hoe oud hij is, de dierenarts schat hem tussen de vijf en acht jaar.
Hij blijkt voor veel dingen bang. Voor stemverheffing, voor alles wat op een stok lijkt, voor onverwachte geluiden.
Toch kwispelt hij aan een stuk door en geniet hij zichtbaar van zijn nieuwe thuis. Hij ligt het liefst op de bank met zijn poten in de lucht. Sterker, hij is inmiddels met geen stok (bij wijze van spreken!) meer naar buiten te krijgen.
Man Ting is terug in Hong Kong. We zijn benieuwd wat de invloed van Wwoofing op haar leven zal zijn.....

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.




Week 34 - Holly, Dolly en Molly

Lynette, uit Engeland geemigreerd om samen met Trevor een leven op te bouwen in Ierland, heeft last van heimwee. Dat is een vreseijk gevoel herinner ik me uit onze begintijd in Ierland. Daar zullen alle emigranten bij tijd en wijle last van hebben.
Het hoort erbij. Het enige dat mij toen hielp was het regelmatig terug gaan naar Nederland. En het intensiveren van contacten met dierbaren. Grenzen hoeven geen rol te spelen als het om relaties gaat!
Mijn man gaat elk jaar met zijn broers zeilen. Ik hou met mijn zussen een driedaagse in Zeeuws - Vlaanderen. Mijn zus Holly woont daar en mijn andere zus Dolly heeft er een huisje.
Vorige maand was dat weer het geval. Shoppen in Sluis, strandpaviljoen te Cadzand en rommelmarkten in Ijzendijke en Groede. Dorpspleintjes, zonnetje, fanfare, oer Hollands allemaal.
We zijn in de fase dat we toe moeten gaan geven dat we steeds meer op onze moeder gaan lijken. Meer dan ons lief is. Daar wijzen we elkaar graag op!
Onze ouders zijn overleden, maar ze zijn altijd op de achtergrond aanwezig als we bij elkaar zijn. De emoties die hun nagedachtenis oproept lijken wel wat op die van heimwee...
Dit keer verblijven we in een B&B. En wat voor B&B! Gastvrouw Jorien lijkt maar één drive te hebben in het leven: het haar gasten zoveel mogelijk naar de zin te maken.
Het oude bak-en karnhuis is omgetoverd tot B&B met drie ruime kamers (boven) en ontbijtzaal. Het geheel is rijk gedecoreerd met beelden en voorwerpen uit het boerenverleden.
Het ziet er allemaal zeer verzorgd uit.
Midden in de nacht zoeken we onze weg over het boerenerf. Mijn zus glijdt uit, slaakt een gilletje en prompt slaan de twee erfhonden aan. Van de zenuwen krijgen we de slappe lach.
Dat wordt nog erger als we de ontbijtzaal instappen waar de tafels al zijn gedekt. ‘Ik ga vast zitten’, fluister ik en vervolgens liggen we zo in een deuk dat we de trap niet meer op komen. Het blijft nog lang onrustig in de Bruine Bonenkamer!

De tweede nacht worden we om 3 uur wakker en liggen we tot het ochtendgloren te kletsen. Het ontbijt is overdadig. De zelfgemaakte kaasbroodjes, eiersalade, broodpudding en rabarbermoes geven het een extra dimensie . Chapeau Jorien! (www.dekienstee.nl)
Als op de derde dag de mannen erbij komen is dat weer even wennen. Voor ons! Want we gaan altijd lekker los als we zo samen zijn. En lachen zelf het hardst om onze ’Holleriaanse’ grappen.
Dit jaar gebruiken we te pas en te onpas een uitspraak van onze moeder: ‘lekmevesje.’ Die verbasterde vele uitspraken naar eigen inzicht en pas nu zij er niet meer is kunnen we daar de humor van inzien.
Zoals dat gaat....
Het moet zijn: ‘Lik me vestje,’ corrigeert mijn zwager. ‘Joh!’ is onze repliek.
In de B&B hangen veel afbeeldingen van Zeeuwse trekpaarden. In de ontbijtzaal prijkt er een op een tegelplateau. Ik haal mijn hart op. Vooral de achterwerken zijn indrukwekkend! Ook Jorien vindt dit het mooiste deel en dat schept een band. Zij wijst ons op een expositie van ene Anjes Goethals. Samen met mijn man ga ik daar heen.
Het blijkt een vrouw te zijn die haar hele leven op een boerderij heeft gewerkt. Twaalf jaar geleden is zij begonnen haar herinneringen op papier te tekenen. Zo goed! Nu is zij 71. Van elke tekening spat haar liefde voor het boerenleven af.
Als ik weer thuis ben google ik ‘Lik me vestje’, omdat ik toch weleens wil weten waar dat vandaan komt.
Vestje blijkt afgeleid van het Franse ‘fesse’ dat BIL betekent. Huh?
Ik stuur deze verklaring met tekening van Anjes Goethals naar Holly en Dolly.
“Lik m’n......” typ ik als onderwerp van dat mailtje. Inderdaad, GEEN GRENZEN als het om de liefde voor mijn zussen gaat! (voor mijn zussen) Molly Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.


Week 27 - Nederlander in den vreemde

Vorig jaar was ons paspoort verlopen. Daarvoor moesten naar het Nederlands Consulaat van Cork. Dat bleek gevestigd in het havengebied. In het kantoor van een scheepsvaartbedrijf.
We waren er al drie keer langs gereden maar opeens zag ik het Nederlandse wapen! Ergens aan een muur van een onoogelijk gebouw. YES!
Een oudere heer pikte ons bij de receptie op en leidde ons door het verouderde kantoorgebouw naar een kamer. Een stoffige kamer vol mahoniehout en scheepsattributen. Aan de muur hing een statieportret van Beatrix en Claus.
De man had alle tijd en begon, zeer Iers, uitgebreid te vertellen. Hij was 75 jaar en de oprichter van het bedrijf en deed het consulaat er al veertig jaar bij.
Nu was het bedrijf overgenomen door zijn zoon, maar het consulaat wilde hij nog niet overdragen.
Eens in de twee jaar ging hij naar Nederland voor de bijeenkomst voor alle consuls in Den Haag. Met als belangrijkste onderdeel de ontvangst door de Koningin.
Zijn ogen begonnen te twinkelen toen hij over Beatrix vertelde. Such a charming lady!
Toen zij een aantal jaar geleden in Dublin kwam was hij vanzelfsprekend van de partij! Hij keek opeens beteuterd. Want toen hij de Koningin wilde omhelzen deinsde zij terug. En of dat nog niet genoeg was had hij daarna ongenadig van zijn vrouw op zijn donder gekregen. Dat DOE je niet, bij de Koningin! Nee. Dat was ik met haar eens.
En met haar had ik allang in de gaten dat hij meer onder de indruk was van de vrouwelijke charmes van Trix, dan van haar koninklijke!
Onze in Ierland gemaakte pasfoto’s werden door de Nederlandse ambassade in Dublin afgekeurd en moesten opnieuw. Daarna kregen we onze nieuwe paspoorten snel opgestuurd. Met de complimenten van de Honorair Consul.
Denk nu niet dat alle ervaringen zo royal getint zijn! Voor gemeentelijke zaken moeten wij naar Dungarvan, zo’n drie kwartier rijden bij ons vandaan. Daar bevindt zich The Council Office en het Motor Tax bureau.
Vorige week moest ik naar het Motor Tax Bureau. Een armoedig lokaaltje met 3 loketten. Mijn rijbewijs moest verlengd worden. Ik had alle benodigde papieren, maar was toch een beetje onzeker.
De keer ervoor dacht ik ook alles in orde te hebben. Toen moest ik onze auto uitschrijven. Ik had de verklaring van het sloopbedrijf en dat zou moeten volstaan.
Toch bedacht de dame achter het loket dat het ‘voor de zekerheid’ raadzaam was om even langs de politie te gaan. Voor NOG een formulier met stempel.
“Maar deze verklaring is afdoende,” bracht ik sputterend tegen. En de assertieve Nederlandse in mij tikte nog eens nadrukkelijk op de verklaring van het sloopbedrijf. ‘Just to be sure, dear’, zei de dame. ‘Just in case’... ‘Welke Kees?’ vroeg ik me op weg naar het politiebureau af.
Gelukkig kreeg ik daar direct een formulier met stempel. Dit was, vertrouwde de agent me toe, bedoeld voor auto’s die na een ongeluk van de weg werden gehaald. Hem maakte het niet uit, een stempeltje meer of minder. De dame achter het loket had er liever teveel dan te weinig, dat was duidelijk. Voor haar!
Daar zullen meer emigranten last van hebben. Wij zijn Nederland gewend! Een rijbewijs verlengen lijkt voor ons dus een duidelijke procedure.
Mijn man heeft het vorig jaar laten doen en dat ging gesmeerd. Weinig reden tot zorg dus. De dame achter het loket neemt mijn papieren door en knikt goedkeurend.
Ik haal opgelucht adem. Maar dan vraagt zij zich opeens hardop af of ik geen oogtest nodig heb.
“Nee! Dat heeft mijn man ook niet hoeven doen”, reageer ik wederom zeer Nederlands. De dame ziet mijn irritatie en besluit het even aan haar collega’s te gaan vragen.
Grrr.... die willekeur! Dat vage!
Ah, daar komt de dame terug. Ze schudt haar hoofd en zegt dat het niet nodig is. Pfffft.
Dat is een week geleden. Ik zou het nieuwe rijbewijs binnen een paar dagen opgestuurd krijgen. Het oude heb ik in moeten leveren.
Natuurlijk heb ik een kopie gemaakt. Ongetwijfeld ook zeer Nederlands!
Niet verkeerd, want het blijft spannend; leven in den vreemde!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.


Week 25 - Galway Girl

Hi Ya Hi Ya Hi Ya He’, schalt er over de haven als de eerste boot, de Ierse Dragon Den, door de sluisdeuren komt.
Op de kade begint de menigte direct mee te golven en te zingen. Het is DE hit van vorig jaar in Ierland.
Galway Girl.‘ And I ask you, friend, what’s a fella to do ’cause her hair was black and her eyes were blue.
Bekijk en beluister galway girl
Het is FEEST in Galway! De Volvo Ocean Race doet Galway aan en het is zowaar prachtig weer! We lopen over de kades van ‘Race Village’ langs de standjes. Van falafal tot Duitse braadworst, een hele kade is gereserveerd voor eten en drinken.
Heinken heeft de grootste stand! Ja, zelfs in Ierland heeft Heineken het Guiness weten te verdringen. Marketing= getting the market!
Op een enorm podium zorgt een band voor de muzikale omlijsting. De Volvo Ocean Machines (zoals de geavanceerde boten genoemd worden) worden na een race in de Galwaybaai één voor één muzikaal onthaald.
Ericsonn heeft de meest swingende bemanning! Die swingen bijna overboord op de klanken van Bruce Springsteen. Alhoewel, ze zijn wel wat meer gewend. Onvoorstelbaar in welke barre omstandigheden deze mannen zich staande weten te houden. Heldhaftig!
Na een lange wachtrij in de zon gaan we met twee bakjes paella op het grasveld van het havenhoofd zitten. Op de kades flaneren inmiddels de echte Galway girls.
Saterdaynight fever!
Op z’n Iers betekent dat in avondjurk met daaronder hooggehakte muiltjes.
Niet gehinderd door een vetrolletje meer of minder gaan de meisjes en masse met de schouders bloot. Hopend op een prins die zijn tanden in dat romige vlees wil zetten.
 Wij verlaten het feestgedruis van de ‘Race Village’ in Galway om op zoek te gaan naar onze B&B in Salthill. Daar komen wij in het donker aan.
Salthill is een heuse badplaats compleet met reuzenrad. De volgende ochtend wanen we ons in Zandvoort.
Door het mooie weer stroomt het er vol. Op de boulevard, in het reuzenrad en op het strand, overal mensen. En auto’s natuurlijk.
We wachten op een bankje tot de botenparade in de baai begint. Er staat geen zuchtje wind dus de zeilboten zullen nauwelijks vooruit komen.
“Laten we naar Kinvarra gaan!” stel ik voor.



Daar zijn we op de heenweg langsgekomen en daar bewaren we mooie herinneringen aan.
Kinvarra. Klinkt als Nirvana. Zo voelde het acht jaar geleden ook. We hebben daar idylische dagen doorgebracht.
Onze eerste kennismaking met Ierland. Vijf weken rondtoeren in een busje. Deze plaats moet een rol hebben gespeeld bij onze keuze voor Ierland!
Het verkeer staat helemaal vast als we Salthill uitrijden. Gelukkig willen wij de andere kant op.
We genieten van de tocht langs de kust. Hebben we deze weg nou wel of niet gereden, acht jaar geleden? De stenen muurtjes die overal door het landschap slingeren komen bekend voor. Maar die zie je overal in het westen.
Mooi! Kinvarra blijkt weinig veranderd. Een pittoresk havenplaatsje zonder toeters en bellen.
De Galway Hookers ontbreken dit keer. Om verwarring te voorkomen: dit zijn houten zeilboten met roodbruine zeilen. Die zijn allemaal naar de baai van Galway voor de botenparade.
We strijken neer op een terras in het haventje. Na een kop soep gaan we op zoek naar het weggetje dat ons zal leiden naar DE plek.
Na drie mislukte pogingen en bijbehorend gekissebis hebben we het! Bochtig, smal, lang, Ja, DIT is het! Alleen staan er opeens een aantal grote huizen langs.
Het weggetje eindigt bij een groene oase aan het water. Op de pier zitten wat mensen. Er staan wat auto’s en een paar kinderen zijn bezig met een surfplank.
Acht jaar geleden stonden wij hier alleen. Af en toe kwamen er wat oude dames langs om een duik te nemen. Of juist wat jong grut.
Een keer begon het toen te regenen. Gebeurt vaker in Ierland. Vier pubers vroegen of ze onder onze luifel mochten schuilen. Tuurlijk!
’s Ochtends nam ik altijd zelf een duik in het ijskoude water. ’s Avonds maakte mijn man een vuurtje.
Een keer plukten we een maaltje mosselen uit het water. Zo hebben we ze daarna nooit meer gegeten!
Het uitzicht vanaf ‘onze’ stek is evenmin verkeerd. Een mooie baai met in de verte een kasteel. Dunguaire Castle.
’s Avonds zien we op het nieuws dat het die middag heel druk is geworden in Galway en Salthill. We zien de Galways Girls weer flaneren op de kades. Horen de muziek. Het feestgedruis.
Wij vinden het leuk dat we dit hebben meegemaakt. Maar nog leuker dat we besloten om afslag Kinvara te nemen!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.


Week 23 - Afslag Boterbloem

Emigreren is alsof je afslaat op een rotonde. Een rotonde die je dagelijks neemt, waarvan het verkeer en het rondje je zo vertrouwd zijn dat je ‘m neemt zonder erbij na te denken.
Op een dag besluit je een afslag te nemen. Je kent de weg vaag, maar hebt geen idee waar je uit zult komen. In plaats van MEER van hetzelfde kies je voor ALLES anders.
 In Nederland kijk ik met bewondering en een vleugje jaloezie hoe goed iedereen het voor elkaar heeft. Strakke keukenblokken waar alle laden van openglijden, geavanceerde douchekoppen die altijd de juiste dosering water stralen, inrichting en materiaal waar over nagedacht is. Zeer verantwoord allemaal.
In welke auto ik daar ook stap het is er nooit zo’n rotzooitje als in die van ons. Modderafdrukken, strootjes, laarzen, hondenharen, als ik in onze auto stap verbaas ik me nergens over.
 Ons keukenblok bestaat uit zelfgetimmerde kastjes met een dik aanrechtblad met kunststof laagje. Graniet. Met de nadruk op Niet.
De kastjes zijn met de verfkwast opgepimpt met een op de kaart zachtblauw. Eenmaal aangebracht blijkt het oogverblindend. Met de nadruk op verblindend. De tegeltjes zijn her en der wat scheef, want zelf aangebracht. En je kunt zien dat het mijn eerste keer was! De kraan drupt altijd, hoe vaak we de leertjes ook vervangen. En in de zomer hebben we geen warm water omdat we de radiatoren dan niet verwarmen. Daar wen je aan. En onze keuken is heilig vergeleken met die van vriendin Jessica. Of die van andere vrienden.
Die van Jessica ontbeert elke kleur en staat en hangt vol paardentuig en laarzen. De betonnen vloer is meestal bedekt met een laagje zand en modder.
Als ik haar bezoek zitten we aan een gammele keukentafel of buiten op het erf. Op dit moment houden we ons dan bezig met het verzinnen van namen voor haar pasgeboren veulens.
Dat hebben we tot een waar ritueel verheven. Flesje wijn, stapeltje boeken erbij. Ik ga altijd eerst het veulen bewonderen, want de naam moet wel passen.
Dat blijft indrukwekkend. Zo’n dier, op die wankelende en toch krachtige benen. Al klaar om te vluchten als dat nodig blijkt te zijn.

Ik overstelp de merrie met complimenten, want daar zijn ze in die eerste dagen extra gevoelig voor.
Vorig jaar waren we into de Ierse mytholgie. De mooiste naam werd toen Braveheart, voor een stoer, zwart hengstje. Dit jaar wordt het jaar van de juweeltjes! Silver Star voor een wit, harig speelgoed paardje. De eerste van dit jaar. Ruby (robijn), voor een bruinrood, krullerig exemplaar.
 Het derde veulen is in de wei geboren. Jessica probeert de merrie’s altijd op tijd binnen te krijgen, maar die trekken liever hun eigen plan.
Het voordeel van in een stal bevallen is dat Jessica daar een camera op kan zetten. Zodat ze niet in weer en wind om de haverklap naar buiten hoeft met een zaklamp. Want vrijwel alle veulens worden’s nachts of in de vroege ochtend geboren.
Ik loop door het veld vol boterbloemen naar het veulen toe en wacht even om te kijken hoe de merrie reageert. Want die zijn erg beschermend de eerste dagen. De meeste kennen me en laten me toe.
Silver Star hinnikt als ze me ziet. Die is nu een maand oud en dartelt om me heen. Dat leidt af en ik loop dwars door een stel brandnetels. Au! Uren later heb ik dat branderige gevoel nog.
 Ik bekijk het nieuwe veulen. Het is wit met zwarte vlekken, die later blauw/ grijs zullen worden. Sapphire! De vader van alle veulens heet Bulabos, wat applaus betekent in het Iers. Hij is heel groot en heel erg hengst. De naam past dus, al vraag ik me af waarom hij applaus verdient bij zo’n luizenbaan.
Voor ons bracht het wonen in Ierland het contact met paarden. In Nederland kwamen die zelden op onze weg.
Jessica vertelt verontwaardigd dat zij een mailtje heeft gekregen van een van haar Zwitsere bezoekers. De vrouw mailde Jessica dat zij erg had moeten wennen aan de basic omstandigheden waarin Jessica leefde.
Tja, zo is dat nu eenmaal in Ierland op een oude boerderij. Je kunt dat niet vergelijken met de spic en span paardenbussines in Nederland of Zwitserland. En je zou natuurlijk graag het gemak en de luxe daarvan willen hebben.
 Maar die heb je achtergelaten toen je besloot die afslag te nemen. Afslag boterbloem. Voordat je die afslag neemt is het dus raadzaam te bedenken dat daar ook brandnetels tussen groeien!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 20 - Hit uit 1918

Begin jaren tachtig kwam ik er voor het eerst mee in aanraking.
Ik nam deel aan een musicaltraining, samen met een vriendin. Dus vol verwachting naar De Academie voor Dramatische Expressie waar deze avondcursus gegeven werd.
De training kwam niet geheel overeen met onze verwachtingen. Geheel niet, beter gezegd.
De danspasjes waren eerder slaapverwekkend dan swingend en de liedteksten spraken ons totaal niet aan.
‘Mensch durf te leven.’ Daar hadden we niets mee.
We kregen er zelfs de slappe lach van. Want de melodie bleek moeilijk onder de knie te krijgen.
Wat niet op prijs gesteld werd door de docent. Die stuurde ons zelfs naar de gang! Dus drama was het, maar de expressie kwam niet uit de verf.
We konden het lied na een tijdje zingen, maar niet uit volle borst. Want wij wilden een bruisender lied!
De docent vertelde dat ‘Mensch durf te leven’ uit het begin van de eeuw stamde. Waar het in 1918 De hit van het jaar was.
Nou, dat verbaasde ons niets!
Pasgeleden kreeg ik de tekst weer onder ogen.
Mijn zus kreeg ‘m ter ere van haar vijftigste verjaardag. Op dat welbekende A4-tje, waarop gasten hun bijdrage mogen leveren. ‘Mensch durf te leven’. De tekst kwam woord voor woord binnen nu!
Ik begreep waarom een vriendin het voor mijn zus had gebruikt. En ik begreep de zeggingskracht van de tijdloze boodschap.
EVENTUALLY!
Het laatste couplet ontroert me zelfs.

Daarom hierbij, als opsteker voor mensen die rondlopen met plannen om te emigreren of wat voor plannen dan ook, die van de geijkte paden afwijken:

Mensch, durf te leven.

 Dirk Witte

Je leeft maar heel kort, slechts 'n enkele keer

 En als je straks anders wilt, kun je niet meer!

 Mensch, durf te leven!

Vraag niet elken dag van je korte bestaan:

 Hoe hebben m'n pa en m'n grootpa gedaan?

 Hoe doet er m'n neef en hoe doet er m'n vrind?

 En wie weet, hoe of dat nou m'n buurman weer vindt,

 En - wat heeft 'Het Fatsoen" voorgeschreven?

 Mensch, durf te leven!

De menschen bepalen de kleur van je das,

 De vorm van je hoed, en de snit van je jas

 En - van je leven!

 Ze wijzen de paadjes, waar langs je mag gaan,

 En roepen 'o foei!' als je even blijft staan,

 Ze kiezen je toekomst en kiezen je werk,

 Ze zoeken een kroeg voor je uit en een kerk,

 En wat j' aan de armen moet geven.

 Mensch, is dat te leven?

De menschen - ze schrijven je leefregels voor,

 Ze geven je raad, en roepen in koor:

 Zoo moet je leven!

 Met die mag je omgaan, maar die is te min.

 Met die moet je trouwen, - al heb je geen zin.

 En daar moet je wonen, dat eischt je fatsoen

 En je wordt genegeerd als je 't anders zou doen,

 Alsof je iets ergs had misdreven,

 Mensch, is dat leven?

Het leven is heerlijk, het leven is mooi.

 Maar - vlieg uit in de lucht, en kruip niet in een kooi!

 Mensch! durf te leven!

 Je kop in de hoogte, je neus in de wind,

 En lap aan je laars hoe een ander het vindt!

 Hou een hart vol warmte en van liefde in je borst,

 Maar wees op je vierkante meter een Vorst!

 Wat je zoekt kan geen ander je geven!

 Mensch, durf te leven!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 17 - Ard na Ciuin

Toen ik in Nederland als juf werkte in groep 7/8 zag ik elk jaar als een berg op tegen de doorverwijzing. Drama was het elk jaar. De angel zat hem in een VMBO advies.
Veel ouders zagen hun kind het liefst als advocaat of dokter. Van Marieke tot Diederik van Yassir tot Yasmine.
Ouders haalden van alles uit de kast als het advies anders uitviel dan HAVO/VWO. Dat kon ver gaan.
Zo stond er op een dag een vader met een GROTE broer op de gang. Ze eisten een hoger advies. De leerlingen keken vol belangstelling door het raam om te zien hoe hun juf de confrontatie aanging.
Het liep goed af. Maar ik was er wel door van slag.
Ik begrijp dat ouders het beste met hun kind voor hebben, maar er zijn grenzen! En ik vroeg me af in wiens belang het eigenlijk was zo’n VWO advies. Ik vond het in ieder geval niet in het belang van het kind om het advies dat het kreeg als te LAAG te kwalificeren.
Want wat beklijft als boodschap? DIT ADVIES IS NIET OKE: IK BEN NIET OKE! Geen bemoedigende boodschap als je al je zelfvertrouwen nodig hebt om de stap naar het voortgezet onderwijs te maken.
Toen Trevor als jongetje aan zijn vader vertelde dat zijn wens was om op een boerderij te wonen nam zijn vader dat in eerste instantie niet serieus.
Maar Trevor was ervan overtuigd en bleef erover praten.
Zijn vader legde hem uit waarom hij dat geen realistisch idee vond. En dat Trevor veel geld nodig zou hebben om een boerderij over te nemen.
Maar Trevor liet zich daardoor niet uit het veld slaan.
Zijn vader moest lachen om de volharding van zijn zoon en gaf hem een pennie als eerste aanzet.

Trevor moest al heel jong trouwen omdat hij zelf vader werd. Het zag er naar uit dat hij een boerderij op zijn buik kon schrijven.
Hij kocht een huis voor zijn gezin, verbouwde dat eigenhandig in zijn vrije tijd, verkocht dat met winst en begon opnieuw.
Drie huizen, twee kinderen en vijftien jaar later liep zijn huwelijk stuk.
Hij vertrok met zijn twee pubers naar Ierland. Daar was de grond (toen nog) goed betaalbaar.
Hij kocht een braakliggend stuk op een berg. Daar kwam hij aan in zijn Jeep met een kleine caravan erachter.
Er was geen water, geen elektriciteit. Niets!
Trevor ging als een speer aan het werk. Toen hij de fundamenten gelegd had liet hij zijn vader uit Engeland overkomen voor het leggen van de eerste steen.
Hij gaf zijn vader een pennie om onder die steen te metselen. Het was dezelfde die hij ooit van zijn vader gekregen had!
En Trevor bouwde verder. Zeven dagen per week, veertien tot zestien uur per dag.
Het huis en de stallen stonden er na anderhalf jaar. Er kwamen varkens, geiten, schapen en paarden.
Het geld raakte op dus Trevor ging weer aan het werk in de bouw.
Zijn dochter ging terug naar Engeland. Zijn zoon trok in een stavcaravan op het terrein.
Trevor miste een maatje en besloot naar HET vrijgezellenfestival van Ierland (en Europa) te gaan. In Lisdoornvarna.
Daar ontmoette hij Lynette! Uit Engeland. Luton.
En laat Luton nou ook de plaats zijn waar Trevor vandaan kwam.
Na een jaar heen en weer pendelen besloot Lynette om bij Trevor te gaan wonen.
Ze moest heel wat overwinnen, maar uiteindelijk vond ze een baan naar haar zin en begon ze te wennen aan het leven in the middle of nowhere.
Vorig jaar overleed de vader van Trevor. Hij liet Trevor wat geld na.
Trevor begon opnieuw te bouwen.
Een jaar lang. Hij deed iedereen versteld staan met zijn ongebreidelde scheppingsdrift.
Zijn tekeningen visualiseerden zijn droom tot in het kleinste detail.
Drie vleugels, een bovenverdieping, een jacuzzi, een binnenzwembadje en een vijver met steigerterras later opent 'Ard na Ciuin' deze week zijn deuren voor de gasten.
Trevor en Lynette bieden hun gasten de gelegenheid om de spirituele lucht van 'Ard na Ciuin' (Stille hoogte) met hen te delen.
www.ardnaciuin.ie

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 15 - Ik vertrek, jij vertrekt, wij vertrekken

Het lijkt alsof er steeds meer mensen uit Nederland vertrekken. Je hoort het steeds vaker.
Zelfs van jonge gezinnen die besluiten om over de grenzen een bestaan op te bouwen. De grootouders met gemengde gevoelens achterlatend.
Programma’s als - Ik vertek- en - Het roer om- lijken die indruk te bevestigen. Leuk om naar te kijken! Jammer alleen dat het format om tegenslagen lijkt te draaien.
Gaap, gaap. ALWEER een verbouwing die niet naar wens verloopt en waarvan de kosten vele malen hoger uitvallen dan gepland. Goh, dat gebeurt in Nederland nou nooit!
Ik hoorde van een stel dat voor - Ik vertrek - een jaar lang gevolgd werd door de camera’s. Alles verliep naar wens. Ze leerden Spaans, vonden in Spanje een leuk huis en een baan.
Tot hun grote verbazing werd hun verhaal niet geschikt bevonden voor uitzending.
Blijkbaar refereerde hun succesverhaal niet aan de onderbuikgevoelens van de kijker. Sneu.
Alsof emigranten naievelingen zijn die zich van tevoren niet bedenken dat ze met tegenvallers te maken kunnen krijgen.
Natuurlijk realiseren zij zich dat ze JUIST in een vreemd land voor problemen komen te staan die ze van tevoren niet bedacht hadden! But what’s new?
Laatst was er een uitzending die mijn veronderstelling leek te ondermijnen.
Het ging over een gezin dat naar Frankrijk verhuisde. De eigenaren hadden hun meubelzaak in Nederland verkocht om daar een Chambre d’ hotes te beginnen.
Zelden een uitzending gezien waar alle hindernissen zo soepel genomen werden. En het resultaat was verbijsterend!
Een statig landhuis op een idyllisch stuk grond met oprijlaan werd door hen zeer smaakvol verbouwd. Echt om van te watertanden, zo mooi!
De gasten stroomden binnen. De twee dochters leerden steeds beter Frans op school en hadden het naar hun zin.
Hun moeder vond echter steeds meer reden tot klagen. Hun vader ging steeds harder rennen om het tot een nog groter succes te maken.
Zo besloot hij om hun diensten uit te breiden en voor de gasten te gaan koken. Dit leidde echter tot nog meer gemopper.
Vrouwlief onthield hem zelfs elke hulp, omdat het niet HAAR beslissing was geweest.
Sowieso was het ZIJN droom geweest, dit hele avontuur. U voelt ‘m al aankomen. Mevrouw trok het niet meer.
De uitzending eindigde met de bezichtiging van een appartement in Nederland.
Ze hadden geen spijt van hun tijdelijke emigratie, maar keken met plezier terug op hun ervaringen.
Als kijker bleef ik onbevredigd achter. Want wat was nu echt de oorzaak van hun terugkeer naar Nederland?
Was het heimwee van de vrouw? Of bracht de emigratie niet wat ze ervan had verwacht? Of lag het aan de rolpatronen in hun relatie?
Of was het sowieso van het begin af aan gedoemd te mislukken omdat het geen gedeelde droom was?
We zullen het nooit weten. Want zo ver gaan de programmamakers helaas niet.
Als het maar ergens fout loopt. Dan is de uitzending geslaagd.
Het is boeiend om te zien waar mensen tegen aan lopen als ze emigreren. Tuurlijk!
Maar als ervaringsdeskundige weet ik dat er meer uit te halen valt.
Wat mij betreft mag het wat dieper gaan dan leidingen en rioleringen!
En dat dat KAN bewijst Joris Linssen in zijn programma - Hello Goodbye-. Waar hij het verhaal zoekt van vertrekkende of thuiskomende reizigers op Schiphol.
Hij verstaat de kunst om met een aantal simpele vragen tot de kern te komen. Om mensen te laten verwoorden wat hun keus (of die van hun naasten) met hen heeft gedaan.
Waarom ze het hebben gedaan. Wat ze hebben moeten overwinnen. Wat ze hebben moeten loslaten. En tot welke inzichten ze daardoor zijn gekomen.
Dat zou een verrijking zijn. Want het raakt meer aan de essentie van emigratie dan verbouwingsperikelen!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 13 - Universeel

Zachte lucht. Gras maaien. Dood hout verwijderen. Narcis. Krokus. Primula.Zonnetje.
Fluitconcert van vogels. Kraaiende haan bij ochtendgloren. Nevel boven de rivier. Eerste kopje koffie op het tuinbankje. Witte benen. Geur van gemaaid gras. Katjes in de wilg. Balletje gooien met Josie.
De koeien mogen voor het eerst naar buiten. Ook koeien maken bokkensprongen!
St. Patricksday op 17 maart. Vrije dag. Naar Cork. Voor de St. Patricksparade.
Onderweg overal bloeiende wilde brem.
Auto parkeren bij de haven. Lopend naar het centrum. Samen met honderden anderen.
Plekje zoeken in de zon. Geschminckte kinderen. Muziekband. Ijsje. Blousjes met korte mouwtjes. Blauwe lucht. Peuters in een buggy. Ballonnen aan een touw.
Knoppen in de Rhododendoron. Knopjes in de bomen. Spierpijn van het werken in de tuin. Kopje koffie op de tuinbank. Vreselijk witte benen. Eerste muggenbult. Geur van ozon in de lucht.
Hmmm. Gier op het land, minder. Brommende hommel. Rozen snoeien. Balletje gooien met Jessie.
Roodborstjes trillers. Trui uit. Te koud. Trui aan. Te warm. Opvliegende fazant.
Haan volgt werk op de voet. Pikt wormen uit omgewoelde aarde. Wapperende was aan de waslijn.
Een merel zingt weemoedig zijn lied van verlangen. Geen mens die melancholie zo treffend kan vertolken.
Rode neus. Bruin zonder zon getinte benen. Chocolade eitjes in een mandje. De lucht is blauw, ik hou van jou, ik denk dat ik hier mijn tentje bouw. (Hermans) Wandeling zonder jas.
Tref Willie Murphy met zijn acht schapenhonden. Archetype Ier. Boert al bijna tachtig jaar. Mooi buitenmens.
Zaterdagmiddag. Naar de pub met vrienden.
Spannende rugbywedstrijd. Six Nations. Ierland wint! Grand slam! Na 61 jaar! Trevor viert zijn verjaardag. Wijn en bier. Feest in Ierland. Feest in Ballyduff!
Zondag. Naar het strand. Honden uit hun dak. Jessie voor het eerst in zee. Ik wou dat ik twee hondjes was, dan konden we samen spelen. (Bomans)
Zitten in het zand. Neuzen omhoog. Haventje van Ballycotton. Vissersboten, kade, frisse wind, groen blauw water. Verse vis. Klifwandeling. Vuurtoren op eilandje voor de kust.
Maandagochtend. De wind giert om het huis. Tuinbankje blijft leeg.
Dinsdag. Drizzle: Ierse regen. Naar Fermoy. School en supermarkt. De straten liggen er grauw en depri bij.
Thuis snel de auto uitladen.
Uren later. Waar zijn de honden? Zoeken. Roepen. De uitstaande oren van Jessie door het autoraam. Josie ligt voorin. Ze springen vewachtingsvol op.
Nee! roep ik. We gaan niet naar het strand vandaag! En denk: Het is alleen maar ALTIJD lente in de ogen van de tandartsassistente! Ik wou dat ik een merel was, dan zou ik BLIJVEN fluiten!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 11 - De balletjes van de koningin

Andre is niet dood, hij leeft! fluister ik tegen Jessica en wijs naar een man die als twee druppels water op Andre Hazes lijkt.
Ze kijkt me niet begrijpend aan. Voor de zoveelste keer ervaar ik dat cultuurverschil in kleine dingen zit! Waar zou zij Andre Hazes van moeten kennen?
Het is soms best frustrerend dat je dit soort dingen niet of nauwlijks kunt delen met mensen uit een ander land.
Bekende figuren, gewoontes, tradities, gezegdes. Je begrijpt pas hoe Nederlands je bent als je er niet meer woont! Het zit in je hele wezen, je cultuur.
Daarom zijn wij toch wel errrug blij dat we hier ook Nederlandse vrienden hebben. En dat we daar Nederlands mee kunnen praten! De mensen van Ballyduff vinden ons goed ingeburgerd, dat horen we keer op keer.
Ik realiseer me daarentegen dat ik niet ontkom aan mijn eigen Nederlandse refenrentiekader. Op zich niet erg, maar af en toe wel lastig.
Beperkend vooral. Bij humor bijvoorbeeld.
Laatst kreeg ik een DvD-tje van de buurjongen met volgens hem hilarische sketches van een bekende Ierse komiek. De humor ontging me totaal.
Ik vroeg me opeens af wat de Ieren van Andre van Duin zouden vinden.
Het begint al bij de taalgrappen. De balletjes van de Koningin. Hoe vertaal je dat? The meatballs of the Queen?
Los daarvan is de herkenning er al niet. Want Ieren draaien geen gehaktballen en van koninginnen moeten ze niet veel hebben.
Tot mijn verbazing weten ze zelfs niet DAT wij een koningshuis hebben!
Queen Beatrix? No idea! Prinses Maxima? probeer ik bij mijn buurvrouw. Maar nee, zelfs van dit fenomeen heeft ze nog nooit gehoord.
Nederland is vooral bekend van de Wallen (Red Light District), een aantal in Engeland spelende voetballers en het softdrugsbeleid.
Veel jongeren doen daarom vol overgave een weekendje Amsterdam. Als we in Cork uit het vliegtuig komen moeten we vrijwel altijd langs een drugshond!
Naast tal van culturele aspecten moet je ook nog dealen met een andere taal als je emigreert.
Dat kan ook voor de nodige verwarring zorgen. Zelfs al denk je de taal goed te beheersen!
Mijn leukste misser tot nu toe?
Die vond plaats in de kapsalon. Ik word liever niet gefohnd en dat moet ik toelichten, want kapsters maken hun werk graag af.
Ik vertelde dus dat ik geen blow job wilde, omdat ik het effect daarvan niet leuk vond.
Grote hilariteit!
Door het gelach van de kapsters en andere klanten begreep ik dat ik iets verkeerds had gezegd. Het moest blow DRY zijn.
Nog steeds krijg ik een big smile als ik binnenkom.
Ik troost me met de gedachte dat ik niet de enige ben die met een blow job geassocieerd wordt.
Ask Bill!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 7 - Ontberen doet waarderen

Mijn man is over het algemeen een genereus mens.
Behalve als het om de door hem uit Nederland meegebrachte ontbijtkoek gaat!
Daar biedt hij met pijn en moeite een klein hapje van aan.
Ik ben niet van de kleine hapjes, dus ik sla dat aanbod meestal af.
Zichtbare opluchting op zijn gezicht.
Waarom is die ontbijtkoek hem zo heilig?
In Nederland hadden we die soms maandenlang niet in huis!
Het is een rare gewaarwording dat je bepaalde etenswaren mist, puur omdat je ze niet kunt krijgen. Maar missen doe je ze!
In het begin sleepten we van alles mee vanuit Nederland.
Te gek voor woorden. Want hier is voldoende te krijgen. Anders en in beperktere mate, maar voldoende.
Het voelt als thuiskomen als je een hap van de onvervalste Hollandse kaas neemt.
Geen cheddar die daar tegenop kan!
Of als je een donker volkoren boterham uit Nederland eet. Alsof het gebak is, zo lekker.
In Ierland blijft het behelpen, wat brood betreft.
Het is wit brood wat de boventoon voert.
We haalden jarenlang bruin brood bij de enige bakker in de buurt, een km of 15 bij ons vandaan. Toen bleek dat hij aan diverse winkels leverde kochten we het daarna wat dichter bij huis. Op een gegeven moment begon hij zijn brood te verpakken.
Toen lazen we op de verpakking dat ook hij tarwemeel gebruikte voor zijn broden!
We hebben uiteindelijk redelijk volkorenbrood gevonden, maar het blijft een slap aftreksel van dat in Nederland!
De groenten, ook zoiets.
In Ierland zijn koolsoorten favoriet.
Bedenk maar eens een opwindend gerecht met groene kool. Verder dan een curry stamppot reikt mijn fantasie niet.
En zuurkool en rode kool behoorden juist niet tot het Ierse assortiment.
Dankzij de komst van de Polen werden die een paar jaar geleden toch in hun aanbod opgenomen. Helaas zijn de Polen Ierland nu weer aan het verlaten (door de recessie). Hoop dat de zuurkool wel blijft!
Oosterse producten ontbreken hier ook. Nergens een Conimex verpakking te bekennen. Voor dat soort kruiden moeten we naar Cork.
Daar bevindt zich een toko en de overdekte Engelse markt.
Ontberen doet waarderen, want ik ervaar alles daar aan mediterrane en orientaalse producten als zeer exotisch.
In Nederland behoren die producten al jarenlang tot het gewone assortiment! Nooit bij stilgestaan toen we daar nog woonden. Hoe luxe dat in feite is.
Zoals we ons nu ook bewust zijn van de ultieme smaak van Goudse kaas.
En van de uniciteit van dropsmaak. Die smaak is door geen enkel ander snoepje te vervangen!
Wat wij het aller-lekkerste vinden dat Nederland te bieden heeft?
De KROKET.
Onze eerste gang op Schiphol is naar een muur vol glazen klepjes.
Voor 1 euro en 20 cent kun je zo n klepje opentrekken en er een goudbruine kroket uithalen.
Ook die muur is uniek Nederlands. En dan die eerste hap!
Het maakt echt niet uit dat het pas 9 uur s ochtends is.
Zijn wij de enige die de kroket op een voetstuk hebben sinds we niet meer in Nederland wonen?
Neen!
Kroketten staan (met frikadellen) bij emigranten met stip op de eerste plaats als het om de meest gemiste etenswaren gaat!
Dat blijkt uit een onderzoek (2008) van Radio Nederland Wereldomroep.
Op twee staat Goudse kaas.
Op drie drop.
Op vier hagelslag en op vijf rookworst.
Is dat geen prachtige gedachte? Nederlanders verenigd in hun gezamenlijke liefde voor de kroket.
Dus als u voortaan langs een muur met glazen klepjes komt.
Sta daar even bij stil!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 4 - Gone Fishing

Emigreren wordt vaak gezien als het verwezenlijken van een droom……
Gisteren was ik met vriendin Jessica in de rechtbank van Cork.
Daar werd zeven jaar na dato de scheiding uitgesproken van haar huwelijk met Stefan.
Zeven jaar na zijn abrupte vertrek uit Ierland. Jessica daar alleen achterlatend. Hun droom aan flarden.
Die droom begon tien jaar geleden met het verkopen van hun schoenwinkels in Zwitserland.
Van de opbrengst werd een landgoed in Ierland gekocht. Een landgoed dat gerenoveerd moest worden.
Vol goede moed werd daaraan begonnen. Ze leefden op een piepklein zolderkamertje met een elektrisch kacheltje. Werkten in weer en wind aan het huis en incasseerden de ene tegenvaller na de andere. Mede doordat Ierland ook een Monumentenzorg kent die kritisch over hun schouder meekeek en daarmee voor veel extra kosten zorgde.
Jessica begon voorzichtig met het realiseren van haar droom; het fokken van Ierse en Engelse paarden. Het land daarvoor was volop aanwezig, evenals de stallen.
Stefan viste graag, dat was zijn enige hobby. Gelukkig stroomde de Blackwater rivier zo’n beetje naast de deur.
Na drie jaar verbouwen was het geld op.
En Stefan bleek behalve zalm nog iets anders aan de haak te hebben geslagen. Hij vertrok met zijn vriendin naar Frankrijk en liet Jessica achter met de financiële problemen en de verkoop van hun huis.
Na het huis met verlies verkocht te hebben klom Jessica, met hulp van haar familie uit Zwitserland, langzaam maar zeker uit het dal.
Ze kocht een oude boerderij met land aan de Blackwater en ging op grotere schaal paarden fokken.
Toen ik haar leerde kennen had Jessica een nieuwe liefde. Tom. Net zo paarden gek als zij!
Jessica leerde mij paardrijden op een Shire. Een groot, zwaar Engels ras. Tot 1.80 m schofthoogte. Ik had een trapje nodig om op hem te klimmen!
Het paard waarmee ik op het fotootje bij de column sta is een Shire. Charm is haar naam. Ze is de leidster van de kudde (paarden hebben een matriarchale samenleving), die stoere, sterke veulens werpt.
Jessica is drie jaar gelukkig met Tom als hij op vijfenveertig jarige leeftijd getroffen wordt door een hartstilstand. Dood.
Opnieuw moet Jessica door een diep dal. Met altijd de zorg voor haar paarden op de achtergrond.
Door de Ierse wetgeving (ingegeven door de katholieke kerk) laat de scheiding van Stefan op zich wachten. Pas na vijf jaar scheiding van tafel en bed kun je officieel uit elkaar.
Dat hun huwelijk in Zwitserland gesloten is maakt dat het nog twee jaar langer duurt.
Na de uitspraak is Jessica aangeslagen. Kom op, zeg ik. Laten we aan retail therapy doen!
Ik probeer haar ervan te overtuigen dat ze iets symbolisch moet doen met deze dag.
Iets moois moet kopen voor zichzelf. Of een statement moet maken naar Stefan.
Om zelf een bijdrage te leveren troon ik haar mee naar een katholieke boekwinkel.
Ze is daar niet blij mee want nog geen uur eerder heeft ze tegen haar zin op de bijbel moeten zweren. En de rechter moest vrijwel elke zin herhalen voordat Jessica ‘m kon nazeggen.
Maar het boekje dat ik haar wil geven is daar te koop. Het heet Awareness en is geschreven door een jezuïet uit India (Anthony de Mello).
Zijn boodschap is dat je illusies en dromen moet verbannen uit je leven. Dat het leven in en met de realiteit daardoor aangenamer wordt.
Bij het afrekenen ziet Jessica op de balie een boekje liggen.
Ze aarzelt even en geeft het dan aan de caissière.
Dit stuur ik morgen op aan Stefan, zegt ze als we even later aan de lunch zitten.
Ter herinnering aan ons twintig jarig huwelijk. Dat schrijf ik op het voorblad.
Ik lees de titel : Gone fishing.
Als dat geen statement is...

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 2 - Zweven tussen twee werelden

We hebben de kerstdagen in Nederland doorgebracht en vliegen op oudejaarsdag weer terug naar Ierland.
Het kost altijd een paar dagen om weer om te schakelen!
Vraag me af of alle emigranten dat hebben.
Het is moeilijk te beschrijven hoe het voelt, maar het komt erop neer dat je lijfelijk aanwezig bent en je ding doet, maar dat je hoofd daar totaal niet bij is.
Je zweeft letterlijk tussen twee werelden en het landen kan even op zich laten wachten.
We wisselen op het vliegveld van Cork van parkeerticket en sleutels met de mensen met wie wij van huis en auto hebben geruild. Een aanrader!

Thuis worden we enthousiast onthaald door Jessie en Josie, onze Jack Russels.
Jessie (pain in the assie) is een jonge stuiterbal; onbesuisd, ongeremd en vooral ontwapenend.
Zo vindt ze het leuk om over de auto te sprinten.
Die staat vol afdrukken van haar modder pootjes.
Josie was toen ze jong was ook heftig en is nog steeds het leukste hondje ever.
Ze heeft met haar krullend haar en compacte lijf een hoog aaibaarheidsgehalte.
De haan die een jaar geleden aan is komen lopen en sinds die tijd aanzienlijk gegroeid is, staat dwingend voor de deur om voedsel te bedelen. Het vriest zowaar ook in Ierland en dat vraagt om bijvoeren.
Zangvogels in alle soorten en maten komen op de vetbollen en het zaad af.
Een koolmeespaartje is zelfs al bezig met het inspecteren van een nestkastje!
’s Avonds vieren we met onze Nederlandse vrienden uit Ballyduff Oud en Nieuw.
Dat blijft een wondertje, dat er in zo’n klein dorp als Ballyduff NOG een Nederlands stel een huis heeft! En dat het zo goed met hen klikt dat het echte vrienden geworden zijn.
Zij wonen nog in Nederland en zijn van plan zich hier in de toekomst te vestigen.
We zitten met hen bij het haardvuur voor de buis, kijken naar Nederlandse zenders en eten verantwoorde (dus geen Ierse) hapjes.
Youp kan niet voorkomen dat ik telkens in slaap val en daarom besluiten we om dan ook maar de Nederlandse tijd aan te houden om het nieuwe jaar in te gaan. (In Ierland is het een uur vroeger).
Geen goed voorbeeld van integratie, maar what the heck?
Onze auto doet raar dus Harry gaat op 2 januari direct naar de garage.
Versnellingsbak naar z’n grootje. Getver! Een te dure reparatie voor onze oude bak, dus we moeten als een speer op zoek naar een plaatsvervanger.
We kunnen hier nog geen dag zonder doordat we in de middle of nowhere wonen en er nauwelijks openbaar vervoer is.
Een beklemmend idee!
Op 3 januari rijden we een uur of vijf om in totaal drie auto’s te zien die we van internet hebben geplukt.
Voordeel is dat we nu eindelijk een auto met het stuur aan de goede kant gaan krijgen. In Ierland zit dat rechts omdat er links gereden wordt.
Het is prachtig winterweer. Het landschap ligt er verstild bij.
Veel bruine velden. Groene, natuurlijk met her en der wat schapen, gele stoppelvelden en er ligt zelfs sneeuw op een paar bergtoppen!
De lucht is grijs, maar als de zon doorbreekt intens licht.
Op de terugweg hebben we een Hitchcock moment.
Boven ons vult de lucht zich met kraaien. Ze zijn overal.
Op alle elektriciteit - en telefoondraden, op de velden, in de bomen. Het moeten er tienduizenden zijn. Scarry!
Op 4 januari gaan we langs bij onze Engelse buren. Die wonen een km of twee bij ons vandaan.
Ze zouden zo in een tv programma als Het roer om of Ik vertrek kunnen.
Samen met hun kleine kindjes bewonen ze een oude cottage en hebben van de oude bijgebouwen stallen gemaakt.
Anna is heel goed met paarden en daarmee verdienen ze de kost.
Ze verzorgen, berijden en trainen die, voor mensen die daar zelf geen tijd voor hebben.
Richard doet het ondersteunende werk.
Het is hard werken! Harry helpt hen regelmatig.
Ik maak een rondje langs de stallen om alle paarden te begroeten.
Effe neuzen. Zo’n paardenneus is onwaarschijnlijk zacht!
Op 5 januari gaan we ’s avonds de hot tub van een ander Engels stel inwijden.
Zij openen een B&B en hebben als extra trekpleister een grote hot tub op hun terrein laten installeren.
En zo zitten we op een maandagavond in de vrieskou onder een kraakheldere sterrenhemel in een warm borrelend bad.
De kreten van genot die wij uitstoten zouden buren op rare gedachten kunnen brengen.,br> Maar ook hier zijn de buren ver weg.
In de heuvels waar we in het maanlicht op uitkijken fonkelen her en der lichtjes.
Ik ben geland!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 51 - HO, HO, HO, MERRY CHRISTMAS!

In Ierland beginnen de voorbereidingen voor kerstmis al vroeg.
Eind september zijn de ingrediënten voor de Christmas cake in de supermarkten te koop.
Die moet in oktober gemaakt worden en blijft door de toegevoegde alcohol- brandy of whiskey- maandenlang houdbaar.
Zo’n kerstcake is rijk gevuld met kruiden, noten en gedroogd fruit.
Ligt zwaar op de maag en heeft een uitgesproken smaak!
Daarna zie je in alle supermarkten torenhoge stapels van grote dozen met koekjes of chocolade verschijnen.
Die geef je elkaar cadeau voor kerst vergezeld van de beste wensen.

Verder is het traditie om cadeau’s te geven met kerst. Kinderen geloven dat die door de kerstman worden gebracht.
Die worden op 25 december onder de boom gevonden en uitgepakt.
Daarna kun je naar de mis in de kerk, maar er zijn veel mensen die ervoor kiezen om naar de avondmis op kerstavond te gaan.
Die begint om 21.00 uur.
Het overgrote deel van de Ieren (republiek) is katholiek, rond de negentig procent gaat regelmatig tot zeer regelmatig naar de kerk!
Kerst is, net als in Nederland, een echt familiefeest.
En het kerstdiner is eveneens het hoogtepunt van de dag.
Dat begint al vroeg, tussen 14.00 en 16.00 uur gaat men aan tafel.
Waar bestaat het kerstdiner hier traditioneel uit?
Gevulde kalkoen en een ham uit de oven, geserveerd met verschillende aardappelgerechten en groenten. De vulling van de kalkoen bestaat uit broodkruim met uien, kruiden en boter.
De rest van het jaar wordt deze vulling vooral in kip gebruikt.
Als aardappelgerechten krijg zowel gegratineerde, puree, patat als geroosterde aardappel geserveerd, de laatste met jus van het vlees uit dezelfde oven.
Er zijn maar heel weinig mensen die iets anders eten op deze dag.
Op 25 december is alles dicht in Ierland, wat zelden gebeurt.
Veel mensen gaan daarom op kerstavond naar de pub!
Tweede kerstdag wordt in Ierland St. Stephens of Boxingday genoemd en dan zijn veel winkels, pubs en benzinepompen weer open.
Supermarkten zijn hier op zondag en ’s avonds overigens altijd open.
Bij ons in het dorp wordt op St. Stephendsay een sleepjacht gehouden.
Dat betekent te paard verzamelen in de dorpstraat en na het startsein in galop achter elkaar aan de velden in.
Na afloop de pub in voor de prijsuitreiking, de paarden mogen in hun trailer afkoelen.
Een groot deel van het sociale leven speelt zich in de pub af.
Als er iets te vieren valt, gebeurt dat over het algemeen in de pub.
Ook verjaardagen! De pub wordt met slingers versierd en soms wordt er een band of discjockey gehuurd.
Wij hebben daardoor al heel wat verjaardagen mee gevierd van mensen die we niet kenden.
Dat maakt hen niet uit want iedereen moet z’n eigen drankje betalen.
De hapjes (snacks) worden bij een cateraar besteld en die worden aan de hele pub uitgedeeld.
Oud en nieuw wordt eveneens overwegend buiten de deur gevierd.
Veel hotels en restaurants hebben arrangementen om dat te vieren.
In de pubs staan de tv’s aan zodat er gezamelijk afgeteld kan worden tot 12 uur.
Er wordt geen vuurwerk afgestoken. En er zijn geen oliebollen!
We zullen een toost uitbrengen op Nederland om 12 uur!

HO, HO, HO, MERRY CHRISTMAS AND A HAPPY NEW YEAR!!!!

Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.





Week 49 - There’s no one as Irish as Barack O’Bama.

“Heb je nooit last van heimwee?” vroeg iemand laatst.
Ja, natuurlijk speelt dat af en toe op! Het zou raar zijn als dat niet zo was.
De ene keer mis je de nabijheid van dierbaren, de andere keer de vertrouwdheid Nederland.
Dat laatste kan door de gekste dingen veroorzaakt worden.
Reclame van Albert Heijn bijvoorbeeld.
Die roepen het beeld op van het luxe, goed geregelde, knusse en overzichtelijke Nederland. Want Nederland is natuurlijk een fantastisch land, wat dat betreft!
Verder hoeft er maar een vierkante millimeter van Utrecht op het beeld te verschijnen, of ik herken het. “Utrecht!” roep ik dan direct en het klopt altijd.
En dan verlang ik naar de maan door de bomen op de grachten.
In deze tijd van het jaar altijd mooi verlicht door tal van lampjes.
Ierland heeft geen mooie oude stadscentra die zijn ontstaan in een Gouden Eeuw.
En dat mis je hier in vrijwel elke stad.
In Nederland missen we andere dingen.
Een van de redenen om voor Ierland te kiezen is ongetwijfeld nostalgie geweest.
Ierland voelde vanaf ons eerste bezoek als thuiskomen.
Door reacties op deze column weet ik dat we daarin niet de enige zijn……
In Ierland vinden wij iets terug wat Nederland is kwijtgeraakt.
Als wij naar Nederland komen, moeten we wennen aan de drukte, het asfalt en beton.
We missen het groen, de ruimte en de roodborstjes.
Wat vinden we, behalve het natuurschoon en de ruimte, prettig aan het wonen in Ierland?
Ierland heeft twee gezichten. Lieflijk en sympathiek versus rauw en ruig.
Het is niet alleen een land van mooie plaatjes, integendeel.
En dat zit niet alleen in het landschap, maar ook in de mensen.
Het heeft iets dramatisch. Daar moet je van houden, van dat dramatische.
Van de gelaagdheid die daardoor ontstaat.
De zwaarte en de lichtheid van het bestaan gaan hier hand in hand.
Daarnaast zijn we als een blok voor de Ieren gevallen.
Voor mij begon dat met de stem van de kapitein op de Ierse veerboot die ons naar Ierland voer. Die stem heette ons welkom aan boord en dat Ierse accent klonk me direct als muziek in de oren. Vanaf dat moment is die eerste indruk alleen maar bevestigd.
De Ieren zijn over het algemeen vriendelijk, behulpzaam en wellevend. Dat is prettig!
Vooral als je als buitenstaander in een ander land gaat wonen. Het voelt goed als mensen de tijd voor je nemen en daadwerkelijk helpen als je tegen een probleem aanloopt!
En het zijn niet alleen buurt of dorpsgenoten die ons met raad en daad bij staan als dat nodig is. Ook mensen van officiële instanties lijken geen enkele haast te hebben.
Of het aan de telefoon is of aan een balie, je wordt nooit met een kluitje in het riet gestuurd.
De stress is hier nog ver te zoeken. Ieren zich niet snel gek maken. Ze zijn zoals ze dat zelf noemen: laid back. Wat vandaag niet kan, kan morgen.
Typisch Iers is ook het creatieve vermogen zich te uiten!
Met zang, dans, muziek en theater, het zit de Ieren in het bloed.
De Ieren beschikken aan een indrukwekkend arsenaal aan liederen en verzen en brengen die het liefst ten gehore na het nuttigen van een paar pints.
Als je geluk hebt maak je zo’n Sing Song mee als je een Ierse pub bezoekt.
De voordeur is dan meestal al op slot en als het eerste nummer voorgedragen is, volgen er vanzelf meer. De zanger(es) staat op, wacht tot iedereen stil is en begint.
Bekende liedjes worden meegezongen. De geschiedenis speelt een belangrijke rol in de teksten. Er blijft wel eens iemand steken in een voordracht, maar over het algemeen worden lappen tekst zonder hapering voorgedragen.
Op dit moment doet het volgende liedje het goed in Ierland:

O’Leary, O’Reilly, O’Hare and O’Hara
There’s no one as Irish as Barack O’Bama
From the old Blarney stone to the green hills of Tara
There’s no one as Irish as Barack O’Bama

Je herkent erin de Ier; hun band met het verleden; hun gevoel voor humor en het oprechte plezier waarmee ze zingen…….

Bekijk het filmpje op You Tube



Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 47 - Een dorp met allure.

Om ons dorp te behoeden voor verval besloten de kartrekkers uit het dorp tot actie over te gaan. Ze gaven Ballyduff op voor deelname aan The Pride of Place, een landelijke verkiezing voor de plaats met de grootste sociale cohesie.
Alle inwoners kregen thuis een persoonlijke uitnodiging overhandigd om deel te nemen.
Er werd ons, als troetelallochtonen, met klem verzocht om naar de presentatie te komen.
In de weken voorafgaand aan de GROTE dag, was het verdacht druk in het dorp.
Muren werden witgekalkt, overal kwamen bloembakken te hangen, ramen werden gezeemd, etalages opgeleukt en een schoolklas haalde de bezem door de straten.
Toen de grote dag daar was, was het somber, grijs weer.
We verzamelden ons voor de St. Michael Community Hall. Een vriendelijk ogend, wit gebouw met een beeld van Jezus op het dak. Jezus draagt een rode mantel en spreidt zijn armen uitnodigend. Het gebouw ligt wat hoger aan een steile weg en heeft rondom parkeerterrein. Daar stonden we die ochtend met een grote groep dorpsgenoten te wachten op de commissie, die eerst een rondleiding door het dorp kreeg. Opeens brak de zon door het wolkendek.
Een goed teken!
We komen regelmatig in deze ‘hal’ want daar vinden tal van activiteiten plaats.
Toneel, muziek, dans, acties voor goede doelen.
Elk dorp heeft een zgn. Community Centre. Dat van Ballyduff staat er sinds 1945.
In de loop der jaren is het steeds meer uitgebreid en inmiddels beschikt het, naast een klein zaaltje, over een theaterzaal met uitschuifbare tribunes.
De exploitatie is de verantwoording van de dorpsbewoners. Daarom vinden er tal van activiteiten plaats die geld op moeten leveren voor het onderhoud en beheer van het gebouw.
Loterijen, een Duck race, een rommelmarkt of een veiling van de door inwoners beschikbaar gestelde spullen, een Ierse dans- en muziekdag en de jaarlijkse ‘Gala day’. Een dag in augustus met oude landbouwwerktuigen, dierenshows en een Miss Blue Jeans verkiezing. ’s Avonds DISCO in de hal.
De verkoop van allerlei zelfgemaakte etenswaren levert ook altijd geld op.
Vooral scones met jam doen het dan goed!

De Duck race was een voor ons onbekend fenomeen, we zagen die voor het eerst in Noord-Ierland.
In het waterrijke Ierland beschikt vrijwel elke plaats over een snelstromende beek of rivier. Die heb je namelijk nodig voor een Duck race!
Je ‘koopt’ een aantal plastic badeendjes waar een nummer op staat. Die worden door de organisatie tegelijkertijd over een brug heen gekieperd. Iedereen rent dan naar de andere kant van de brug om te kijken welke eendjes het eerst onder de brug doorkomen. Die hebben gewonnen!
Ik vind het een typisch Ierse activiteit; het is ongecompliceerd, pretentieloos, leeftijd speelt geen rol en heeft een lange traditie.

Terug naar Pride of Place.
Na de rondleiding gingen we gezamenlijk de hal in voor een presentatie.
Er waren stands met foto’s en info van de wandelclub, van de peuterspeelzaal, van de basisschool, van het vrijwilligerswerk, van de jeugdclub, van het hurlingteam enz.
Daarna een videovertoning over de ligging van het dorp en zijn bewoners.
Ten slotte het klapstuk, een optreden van ‘The Booleyhouse’.
De Ierse muziek en dansgroep van Ballyduff met 150 leden, van alle leeftijden die wekelijks oefenen en overal in het land optreden. Een keer zelfs in New York!
De voorstelling had als thema “Unity is strenght”, wat gebeiteld staat in de steen die bij de opening van de hal werd onthuld.
In de voorstelling keken twee oudjes terug op de veranderingen van de laatste decennia, vormgegeven in een wervelende dansshow op de welbekende Ierse muziek en zang.
Het vrouwelijke commissielid bekende later het niet droog te hebben kunnen houden, zo aangrijpend vond zij het.
Na afloop werden de dorpelingen ondervraagd op diverse thema’s.
Het viel even stil toen naar de opvang van gehandicapten werd gevraagd, maar gelukkig kon iemand daarvoor verwijzen naar het nabijgelegen Lismore.
Zucht van opluchting door het publiek.
WE WONNEN! Van 34 andere plaatsen.

Een aantal maanden later vond de uitreiking plaats. Die werd gecombineerd met het afscheid van de middenstanders die hun zaak hadden gesloten.
Ze kregen een prominente plaats op het podium en werden toegesproken en gezongen en kregen een minutenlange staande ovatie.
Zomaar een dorpje in Ierland.

Ballyduff. Een dorp met allure!


Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 45 - Leven in Ballyduff.

Wij wonen in Ballyduff.
Er zijn er meerdere Ballyduff’s in Ierland.
Dat van ons ligt aan de Blackwater rivier. In de Blackwater vallei.
Het is zo op het oog een onbeduidend dorp. De kern beslaat twee straten die haaks op elkaar staan. Het overgrote deel van de bewoners woont in de omringende heuvels.
Toen we er net woonden vond ik het drie keer niks, het dorp. Geen enkele allure.
Een kerk, een postkantoortje annex kruidenier, nog een kruidenier, een kapperszaak, een hardware store, een Credit Union, een huisarts praktijk en vijf pubs.
Over de brug over de Blackwater een zogenaamde creamery.
Twee jaar geleden begon het met het verdwijnen van de creamery.
Een boerenbond waar boeren hun melk inleveren en het voer en allerlei landbouwgereedschap kunnen kopen.Elk dorp heeft er wel een. Want Ierland is van oudsher een boerennatie.
Toen de creamery verdween ging er al een schok door de gemeenschap.
Een oude boer verhaalde weemoedig over hoe ze vroeger elke dag op ezeltjes naar de creamery reden. En daar dan uren aan het kletsen waren,
De grootste schok ging echter door de gemeenschap toen bleek dat er maar liefst drie steunpilaren van het dorp zouden gaan stoppen. Binnen een half jaar!
Het echtpaar dat de kruidenier annex postkantoortje beheerden, konden dat merkbaar niet meer aan. De winkel zag er verwaarloosd uit, veel etenswaren waren over de datum.
Nog groter was de rommel in het postkantoortje dat midden in de winkel stond.
Het was een houten hokje met een loket en dat werd door de man beheerd.
Pijnlijk was dat hij telkens in de war was als hij moest afrekenen.
Hij had duidelijk geen idee meer. Iedereen wist dat en soms betaalde je teveel voor je postzegels, een andere keer te weinig. Maar het beperkte zich natuurlijk niet tot de postzegels!
Want op de postkantoren worden ook de wekelijkse uitkeringen en pensioentjes uitbetaald.
Op woensdag is het bijstandsdag en staan de postkantoren vol moeders met kleine kinderen.
Met name in de stadjes is dit het geval.
Op vrijdagochtend is het pensioendag en vullen de postkantoortjes zich met grijs- en wit harigen.
Toen de man ook daar willekeurige bedragen uit begon te betalen, heeft er blijkbaar toch iemand aan de bel getrokken. Want er kwam er iemand van het hoofdkantoor op een vrijdagochtend kijken. ’s Middags was het postkantoor gesloten. Voorgoed!
Het winkeltje volgde al snel.
Bijna tegelijkertijd besloot Lindsay er de brui aan te geven. Zij stond elke avond in haar huiskamerpub en vond vijfenzeventig een mooie leeftijd om daarmee te stoppen.
De allergrootste schok, ook voor ons, werd veroorzaakt door de sluiting van Pat Flynn’s hardware store (ijzerwarenhandel).
Pat Flynn vertegenwoordigt al het goede van de Ieren! Een zeer sociale en actieve man.
Zijn zaak was een bezienswaardigheid op zich. Van onder tot boven volgestouwd met. materiaal. Van het kleinste schroefje tot de grootste boiler, Pat Flynn had het in huis. DE ontmoetingsplaats voor loodgieters, metselaars, timmerlieden enz. uit de omgeving.
En manlief Harry niet te vergeten, want ook DIY (do it yourself) -ers, wisten Pat Flynn te vinden. Er werd de laatste jaren heel wat gebouwd in Ierland. Zoveel, dat er nu een overschot aan nieuwbouw is. Ter waarde van negen miljard!
Vanaf het eerste begin heeft Pat zich over ons ontfermd en met raad en daad bijgestaan.
En wij zijn niet de enige! Hij is de spil van de dorpsgemeenschap.
Is actief en overtuigd G.A.A. lid; de Gaelic Athletic Association, die zich tot doel heeft gesteld de authentieke Ierse sporten levend te houden. Ontstaan tijdens de onderdrukking door de Engelsen maar als organisatie nog steeds springlevend met 2800 aangesloten hurling-en Gaelic football clubs.
Pat gelooft hartstochtelijk in de waarde van samen sporten en ziet het als HET middel om jeugd van alcohol en drugs af te houden.
Een bijzondere man en een bijzondere Ier. Want hij drinkt uit principe geen alcohol.
En dat is nogal uitzonderlijk voor een Ier!
Iedereen was dus in een soort shock, toen bleek dat Pat het op zijn 68ste ook wat rustiger aan wilde gaan doen. De koppen werden bij elkaar gestoken. Het dorp moest zijn samenhang en spirit behouden. Maar hoe?


Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.



Week 43 - Een nieuw leven in Ierland.

Middels deze column ga ik u de komende tijd op de hoogte houden van het leven in Ierland.
Mijn naam is Margareth Hol en ik ben vijf jaar geleden, samen met echtgenoot Harry, geemigreerd naar dit groene eiland aan de rand van Europa.
Na ruim twintig jaar onderwijs besloten we om het roer om te gooien. Back to basics!
We zijn net terug van een week Nederland en dat biedt direct de nodige inspiratie.
Vooral in het begin zet je alles af tegen wat je in Nederland gewend bent, en dat valt in die eerste fase vaak negatief uit voor Nederland. Niet zo gek natuurlijk, want je hebt behoefte om die grote stap die emigreren is, zoveel mogelijk voor jezelf en anderen te rechtvaardigen.
Op een gegeven moment begint dat weer om te draaien in het voordeel van Nederland.
En dan komt het erop aan!
Wegen de voordelen van wonen in een ander land op tegen die van wonen in Nederland?
Dat zal voor iedereen anders zijn, maar feit is dat bijna de helft van de emigranten na een jaar of zes, zeven, toch weer terugkeert naar Nederland.
Zoals Michiel van der Put in zijn Spanje als besluit schrijft: 'Soms moet je weggaan om weer thuis te komen.'
Ik zal in mijn columns proberen telkens beide kanten van de medaille te belichten.

Voor deze eerste column kies ik voor een onderwerp waar vrijwel iedereen het over heeft. De DRUKTE in Nederland.
Maar nogmaals, ik wil niet gaan voor de makkelijke, eenzijdige weg.
Hoe wij elke keer opnieuw schrikken van het dichtslibben van de snelwegen.
En hoe ontspannen daarentegen het rijden op de Ierse snelwegen is.
Over de brede nieuwe snelwegen daar. Die dwars door groene en goudgele heuvels en dalen snijden. Met dank aan de EU!
Waar je zelden gehinderd wordt door plots uitwijkend vrachtverkeer,
Of beland in een langzaam rijdende of stilstaande file.
Dat zou TE makkelijk zijn!
Want Ierland heeft andere verkeersproblemen.
Die vinden vooral plaats op de wegen waarover wij ons verplaatsen. De landwegen!
Kronkelende, smalle, stijgende en dalende weggetjes.
Vaak aan weerszijden dichtbegroeid met heggen en struikgewas.
Waardoor de wegen nog smaller worden en er nog minder zicht is.
Het snoeien van dat groen gebeurt heel regelmatig.
'Hedge cutting in process' staat er dan op een bordje langs de weg.
De gemeente weet dondersgoed dat ze aansprakelijk is voor ongelukken die daardoor veroorzaakt worden!
Door zware regenval vallen er vaak gaten in het wegdek.
Als zo'n gat autoschade oplevert, wordt die zonder morren door de gemeentes vergoed.
Laatst kregen we 's avonds laat een telefoontje. Een goede vriend was in zo'n gat terecht gekomen en had twee lekke banden. Of we 'm even op konden halen.
Natuurlijk! Stilstaan op zo'n pikdonkere, verlaten weg is geen pretje…...

Het grootste probleem is echter het rijgedrag van een grote groep jongeren.
Met name die uit de country. Ze zijn geobsedeerd door SPEED en vliegen daardoor regelmatig uit de bocht en rijden zichzelf en anderen dood.
Ierland staat op nr.2 als het om (jeugdige) verkeersdoden gaat. Vrijwel elk weekend is het wel ergens raak. De voorpagina's van de kranten staan op maandag vol foto's van autowrakken.
De auto verzekeringen voor jongeren zijn peperduur; zo'n 3500,- euro per jaar,
Maar dat maakt niets uit. Vrijwel alle zeventien jarigen krijgen een auto hier.
Je komt nergens zonder auto! Iets waar ik in het begin ook erg aan moest wennen.
Geen openbaar vervoer, geen mogelijkheid tot fietsen...

Het rijbewijs haal je gewoon door op te gaan, lessen volgen hoeft niet, autorijden leer je van je broer of vader. In Ierland kun je zakken voor je rij examen en met je auto weer naar huis rijden!
Je hoeft alleen maar een L van les op je wagen te plakken en daar mag je dan mee rijden.
Een groot aantal mensen rijdt dus met een voorlopige rijbevoegdheid, want dat kun je een levenslang doen.
Het is een van de vele voorbeelden waar het verschil in structuur (cultuur) een rol speelt.
De kunst van het emigreren is, denk ik, om je eigen norm niet als maatstaf te nemen.
Een ware uitdaging!


Margareth (harryenmar@gmail.com)


Lees ook het boek dat Margareth schreef over haar verhuizing naar Ierland.